Factsheet regels Verklaring Omtrent het Gedrag in de kinderopvang en peuterspeelzalen

Er zijn veel vragen over de Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) in de kinderopvang en het peuterspeelzaalwerk en een aantal regels rondom de VOG gaat veranderen. Hieronder vindt u de belangrijkste informatie.

Wat is een VOG?
Een VOG is een verklaring van de Minister van Veiligheid en Justitie waaruit blijkt dat het gedrag van een natuurlijk persoon of rechtspersoon in het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de samenleving, in dit geval in de kinderopvang of het peuterspeelzaalwerk.

Wie moet in het bezit zijn van een VOG?
De volgende personen moeten een VOG overleggen:

  • houders van een kindercentrum, gastouderbureau of peuterspeelzaal;
  • personen werkzaam bij een kindercentrum, gastouderbureau of peuterspeelzaal. Hieronder vallen ook werknemers van een (hoofd)vestiging waar alleen een kantoor is gevestigd en geen kinderen worden opgevangen (kantoorpersoneel), bestuurders, vrijwilligers, stagiair(e)s, beroepskrachten in opleiding, uitzendkrachten en bemiddelingsmedewerkers bij een gastouderbureau;
  • gastouders;
  • personen van 18 jaar en ouder die wonen bij de gastouder (huisgenoten);
  • ouders werkzaam bij een ouderparticipatiecrèche.

Hoe lang is een VOG geldig en hoe actueel moet de VOG zijn?
De VOG heeft geen geldigheidsduur. Bij wisseling van werkgever moet er wel een nieuwe VOG worden aangevraagd. De VOG moet worden overgelegd aan de houder en mag niet ouder zijn dan twee maanden voordat met de werkzaamheden wordt begonnen. Voor gastouders (inclusief de huisgenoten) en houders geldt dat de VOG niet ouder dan twee maanden mag zijn bij het indienen van de aanvraag voor registratie in het LRKP. De gastouder die al geregistreerd is hoeft geen nieuwe VOG te overleggen wanneer hij/zij zich aansluit bij een ander gastouderbureau of wanneer hij/zij op een nieuwe locatie gaat werken. Voor de uitzendkracht, stagiair en vrijwilliger geldt een tweejaarlijkse VOG-plicht, zie de laatste vraag “Wat betekent dit nieuwe systeem voor stagiair(e)s, uitzendkrachten en vrijwilligers?”.

Hoe dien ik de aanvraag in?
Dit kan door het indienen van het deels ingevulde VOG aanvraagformulier bij de gemeente waar de aanvrager voor wie de VOG bedoeld is, staat ingeschreven.

Sinds 1 januari 2012 kan bij sommige organisaties een VOG worden aangevraagd via internet. Hiervoor dient gebruik te worden gemaakt van E-herkenning. Meer informatie over de elektronische VOG-aanvraag is te vinden op http://www.justis.nl/Producten/verklaringomtrentgedrag.

Let op: Bij een elektronische VOG-aanvraag dient de aanvrager zelf de relevante functieaspecten aan te vinken. Voor de medewerker gaat het om de functieaspecten 84 en 86 en voor de houder functieaspecten 11, 21, 22, 84 en 86.

Welk VOG aanvraagformulier moet ik gebruiken en wie is de opdrachtgever?
Op 1 maart 2013 – met de start van continue screening in de kinderopvang – zijn twee specifieke, voor ingevulde, VOG aanvraagformulieren voor de kinderopvang in gebruik genomen.

Het VOG aanvraagformulier mw (in)direct zorg kinderen/huisgenoot is bestemd voor alle personen werkzaam in de kinderopvang, gastouderopvang en het peuterspeelzaalwerk. Dat wil zeggen voor de beroepskracht, het kantoorpersoneel, de bemiddelingsmedewerker, de gastouder en diens huisgenoot, de stagiair, de uitzendkracht en de vrijwilliger. Iedereen wordt gecontroleerd op het functieaspect nr 84, belast zijn met zorg voor minderjarigen. Daarnaast staat functieaspect nr 86 – werkzaam in de kinderopvang -aangekruist, waarmee duidelijk wordt gemaakt het een functie in de kinderopvang betreft.

Het VOG aanvraagformulier houder NP organisatie zorg kinderen is bestemd voor de houder zijnde een natuurlijk persoon van een organisatie voor kinderopvang, gastouderopvang of peuterspeelzaalwerk. Deze houder wordt eveneens op nr 84, belast zijn met zorg voor minderjarigen, gecontroleerd en daarnaast op aspecten die betrekking hebben op frauduleus handelen.

De houder, zijnde rechtspersoon, dient gebruik te maken van het gebruikelijke aanvraagformulier VOG rechtspersonen.

Alle formulieren, anders dan bovenstaande, komen te vervallen.

In onderstaande tabel wordt aangegeven welk VOG aanvraagformulier een persoon werkzaam voor een kindercentrum, peuterspeelzaal of gastouderbureau nodig heeft en wie moet worden ingevuld als opdrachtgever van de VOG.

 

Aanvrager

Welk VOG aanvraagformulier?

Wie is de opdrachtgever op het VOG aanvraagformulier?

Persoon werkzaam

bij kindercentrum, gastouderbureau, peuterspeelzaal, gastouder en huisgenoot

mw (in)direct zorg kinderen/huisgenoot1

Houder van kindercentrum, gastouderbureau, peuterspeelzaal

Stagiair

mw (in)direct zorg kinderen/huisgenoot1

Onderwijsinstelling

Vrijwilliger

mw (in)direct zorg kinderen/huisgenoot1

Houder van kindercentrum, gastouderbureau, peuterspeelzaal

Uitzendkracht

mw (in)direct zorg kinderen/huisgenoot1

Uitzendbureau

Houder zijnde natuurlijk persoon van kindercentrum, gastouderbureau, peuterspeelzaal

houder NP organisatie zorg kinderen2

Organisatie voor kinderopvang, gastouderopvang of peuterspeelzaalwerk

Houder zijnde rechtspersoon van kindercentrum, gastouderbureau, peuterspeelzaal

VOG rechtspersonen3

Organisatie voor kinderopvang, gastouderopvang of peuterspeelzaalwerk

Nieuwe bestuurder

houder NP organisatie zorg

Organisatie voor kinderopvang,

rechtspersoon kindercentrum, gastouderbureau, peuterspeelzaal

kinderen2

gastouderopvang of peuterspeelzaalwerk

 

1 http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kinderopvang/documenten-en-publicaties/formulieren/2013/02/26/aanvraagformulier-vog-voor-medewerkers.html
2 http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kinderopvang/documenten-en-publicaties/formulieren/2013/02/26/aanvraagformulier-vog-voor-houders-organisatie.html
3 http://justis.nl/Producten/verklaringomtrentgedrag

Als de houder van een kindercentrum, gastouderbureau of peuterspeelzaal een rechtspersoon is, moet deze bij inschrijving in het register kinderopvang een VOG voor rechtspersonen hebben. Wanneer de houder een aanvraag indient voor de exploitatie van een nieuwe locatie moet er een VOG worden overgelegd die niet ouder is dan twee maanden op het moment dat gestart wordt met de werkzaamheden op de nieuwe locatie.
Bij de beoordeling voor afgifte van een VOG voor rechtspersonen worden naast de rechtspersoon ook alle bestuurders gescreend, waarbij naast financiële delicten ook gekeken wordt naar (ernstige) geweldsdelicten en zedendelicten. De onderneming moet een vertegenwoordiger aanwijzen die de aanvraag indient. Dit kan een bestuurder, maat, vennoot of beheerder zijn, die bevoegd is op grond van de statuten of een verleende machtiging. Wanneer de rechtspersoon in stand blijft, maar er sprake is van een wisseling van bestuurders, zullen nieuwe bestuurders in bezit moeten zijn van een VOG voor natuurlijke personen (houder NP organisatie zorg kinderen).

Voor de goede orde dient hierbij te worden opgemerkt dat een screening van een bestuurder voor een VOG rechtspersonen niet gelijk is aan een screening voor een VOG natuurlijke personen voor een functie in de kinderopvang. Indien een bestuurder ook de werkzaamheden van, bijvoorbeeld, pedagogisch medewerker wil gaan uitoefenen, dient apart een VOG natuurlijke personen (houder NP organisatie zorg kinderen) te worden aangevraagd.

Moet ik een nieuwe VOG hebben als ik wissel van functie bij dezelfde werkgever?
Met de ingebruikname van het nieuwe VOG aanvraagformulier wordt er geen onderscheid meer gemaakt tussen de functie van beroepskracht/gastouder en administratief/kantoorpersoneel. Dit betekent dat een beroepskracht die tevens administratieve taken gaat uitvoeren, in principe geen nieuwe VOG hoeft aan te vragen. Het is wel voorstelbaar dat de werkgever het wenselijk acht dat zijn werknemer bij kantoorwerk is gescreend op fraude aspecten. Het is aan de werkgever (houder) om te bepalen of er in dat geval een (nieuwe) VOG moet worden aangevraagd waarbij de werkgever extra functieaspecten kan aankruisen op het standaardformulier.

Wanneer een (voormalig) uitzendkracht in dienst treedt bij een organisatie voor kinderopvang, zal er een nieuwe VOG moeten worden overgelegd omdat bij de bestaande VOG het uitzendbureau de opdrachtgever was voor de VOG. Bij de indiensttreding van een (voormalig) stagiair zal er eveneens een nieuwe VOG moeten worden overgelegd wanneer de school de opdrachtgever van de bestaande VOG was. Dit is niet het geval wanneer de houder van de locatie waar de stagiair in dienst treedt de opdrachtgever van de VOG was.

Moet ik als gastouder een nieuwe VOG aanvragen wanneer ik mij aansluit bij een ander gastouderbureau? En heb ik een nieuwe VOG nodig wanneer ik ga verhuizen of ga werken op een nieuwe locatie?
Nee, door een wetswijziging per 1 juli 2013, hoeven geregistreerde gastouders en hun huisgenoten geen nieuwe VOG te overleggen wanneer de gastouder zich aansluit bij een ander gastouderbureau of wanneer de gastouder gaat werken op een nieuwe (andere) locatie. De gastouder kan bij de
aanvraag tot registratie volstaan met een kopie van de eigen bestaande VOG en van de bestaande VOG van de huisgeno(o)t(en).

Kan ik de VOG ook gebruiken voor werk in het onderwijs?
Nee, dit kan niet. De VOG is alleen geldig voor een functie binnen de kinderopvang, voor een functie binnen het onderwijs moet een aparte VOG worden aangevraagd. Wanneer een persoon met een VOG voor het onderwijs overstapt naar de kinderopvang, geldt eveneens dat er een nieuwe VOG, voor de kinderopvang, moet worden aangevraagd.

Kan ik volstaan met het afgeven van een afschrift van de VOG of moet ik het origineel aan de werkgever overleggen?
De werkgever moet in bezit zijn van een afschrift van de VOG van alle bij zijn organisatie werkende personen. Om problemen over de echtheid van de VOG te voorkomen, is het raadzaam dat de werkgever de medewerker vraagt om het origineel te tonen, waarvan hij een kopie voor zijn eigen administratie maakt.
Zowel de houder van een gastouderbureau als de gastouder zelf, moeten bij een inspectie een afschrift van de VOG van de gastouder kunnen tonen.

Wat zijn de regels voor stagiair(e)s en uitzendkrachten?
Stagiair(e)s en uitzendkrachten moeten de eerste keer voordat zij voor een school of uitzendbureau werkzaam zijn in een kindercentrum, in de gastouderopvang of in een peuterspeelzaal een VOG overleggen. Deze verklaring moet worden overgelegd aan de houder van het betreffende kindercentrum, gastouderbureau of peuterspeelzaal en mag niet ouder zijn dan twee maanden op het moment dat gestart wordt met de werkzaamheden. Stagiair(e)s en uitzendkrachten kunnen meerdere keren per jaar van stage- of werkplek veranderen. Zij hoeven bij volgende kindercentra, gastouderbureaus en peuterspeelzalen geen nieuwe VOG te overleggen maar kunnen volstaan met de bestaande VOG. Wel is het zo dat stagiairs en uitzendkrachten tweejaarlijks een nieuwe VOG moeten aanvragen omdat zij vooralsnog geen deel uitmaken van continue screening. Zie hiervoor de laatste vraag “Wat betekent dit nieuwe systeem voor stagiair(e)s, uitzendkrachten en vrijwilligers?” Voor de uitzendkracht is het uitzendbureau de opdrachtgever van de VOG. Voor de stagiair is het aan te raden dat niet de stageverlener maar de onderwijsinstelling de opdrachtgever van de VOG is. Dit voorkomt dat er toch nog een nieuwe VOG nodig is bij wijziging van stageplek.

Wat zijn de regels voor vrijwilligers in de kinderopvang en het peuterspeelzaalwerk?
Een vrijwilliger is een persoon die op regelmatige, niet incidentele, basis werkzaam is in de kinderopvang of het peuterspeelzaalwerk en belast is met de verzorging, de opvoeding en het bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen. Een vrijwilliger moet in bezit zijn van een VOG.
Een persoon die op incidentele basis werkzaam is in de kinderopvang of het peuterspeelzaalwerk, bijvoorbeeld omdat hij eenmaal per jaar voor Sinterklaas speelt, hoeft niet in bezit te zijn van een VOG. Anders dan de stagiair en de uitzendkracht beperkt de vrijwilliger in de kinderopvang of het peuterspeelzaalwerk zich bij zijn werkzaamheden in de regel tot één organisatie. Dit betekent dat wanneer een vrijwilliger overstapt naar een andere organisatie, hij een nieuwe VOG zal moeten aanvragen en overleggen. Omdat vrijwilligers vooralsnog geen deel uitmaken van continue screening, moeten zij tweejaarlijks een nieuwe VOG aanvragen. Zie hiervoor de laatste vraag “Wat betekent dit nieuwe systeem voor stagiair(e)s, uitzendkrachten en vrijwilligers”?

Wat zijn de regels voor maatschappelijke stages en snuffelstages?
Bij een maatschappelijke stage of snuffelstage maakt een student kortdurend en onbetaald kennis met de kinderopvang. Deze student onderscheidt zich van de stagiair die in het kader van een opleiding werkzaamheden verricht ten behoeve van het vervullen van het praktijkdeel van die opleiding.
Wanneer de student, in het kader van zijn/haar opleiding, kortdurend en op incidentele basis werkzaam is, bijvoorbeeld omdat hij/zij een enkele dag meeloopt, is er geen VOG nodig. De GGD zal als richtlijn hanteren dat bij een maatschappelijke stage of snuffelstage die langer dan 60 uur per jaar duurt, wel een VOG zal moeten worden overgelegd omdat er dan niet meer gesproken kan worden van werkzaamheden op incidentele basis.

Continue screening
Op 1 maart 2013 is gestart met continue screening in de kinderopvang. Medewerkers in de kinderopvang worden voortdurend gescreend op strafbare feiten die een belemmering vormen bij het werken met kinderen. Wanneer er sprake is van een dergelijk strafbaar feit, licht de toezichthouder de werkgever in. De werkgever verzoekt de betreffende medewerker een nieuwe VOG aan te vragen. Wanneer de medewerker geen nieuwe VOG krijgt, is dit reden voor ontslag. Meer informatie vindt u in de handleiding continue screening kinderopvang die te vinden is op http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kinderopvang/documenten-en-publicaties/richtlijnen/2013/02/18/handleiding-continue-screening-kinderopvang.html.

Eenmalig nieuwe VOG (nulmeting)
Bij continue screening wordt alleen gekeken naar nieuwe strafbare feiten die gepleegd zijn vanaf 1 maart 2013. Er wordt dus niet naar het verleden gekeken, wat wel gebeurt bij een reguliere VOG-aanvraag. Om na te kunnen gaan of medewerkers in de kinderopvang in het verleden een relevant strafbaar feit hebben gepleegd, moeten medewerkers met een VOG van vóór 1 maart 2013 vanaf 1 juli 2013 een nieuwe VOG aanvragen. Deze nulmeting zal leiden tot een grote hoeveelheid VOG-aanvragen. Daarom is met de dienst Justis, die de aanvragen behandelt, afgesproken de aanvragen te spreiden naar regio. In de brochure over de nulmeting staat precies beschreven welke medewerker wanneer een nieuwe VOG moet aanvragen. Deze brochure is te vinden op http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kinderopvang/documenten-en-publicaties/brochures/2013/04/19/eenmalig-nieuwe-vog.html.
Wat betekent dit nieuwe systeem voor stagiair(e)s, uitzendkrachten en vrijwilligers?
Stagiair(e)s, uitzendkrachten en vrijwilligers kunnen vooralsnog geen deel uitmaken van het systeem van continue screening. Door een wetswijziging die op 1 juli 2013 in werking is getreden, is daarom geregeld dat deze medewerkers iedere twee jaar een nieuwe VOG moeten aanvragen. Het is de bedoeling dat in 2016 gewerkt gaat worden met een centraal register waarin iedereen staat die in de kinderopvang en in peuterspeelzalen werkt, ook de stagiair(e)s , uitzendkrachten en vrijwilligers. Zij hoeven dan niet meer elke twee jaar een nieuwe VOG aan te vragen. In bovenvermelde brochure over de nulmeting staat beschreven wanneer stagiairs, uitzendkrachten en vrijwilligers een nieuwe VOG moeten aanvragen.

Bron : http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kinderopvang/documenten-en-publicaties/brochures/2013/02/26/regels-vog-in-de-kinderopvang-en-peuterspeelzalen.html

Deel dit artikel