Meer oudere werknemers met een vaste arbeidsrelatie

Tussen 2001 en 2013 is het aandeel werknemers binnen de werkzame beroepsbevolking teruggelopen van 88 naar 85 procent. Onder 55-plussers nam het aandeel werknemers juist toe. Dit komt doordat werknemers langer blijven doorwerken. Werknemers hebben steeds vaker een flexibele arbeidsrelatie.

Een op drie is flexwerker of zelfstandige

In 2013 was van de werkzame beroepsbevolking 68 procent een werknemer met een vaste arbeidsrelatie.  .In 2001 was dit nog 76 procent. Zowel het aandeel werknemers met een flexibele arbeidsrelatie als het aandeel zelfstandigen is in deze periode gestegen. Zij vormden in 2013 samen bijna een derde van de werkzame beroepsbevolking.

Werkzame beroepsbevolking naar arbeidspositie, 15 tot 65 jaar

Werkzame beroepsbevolking naar arbeidspositie, 15 tot 65 jaar

Oplopen pensioenleeftijd zorgt voor flink meer oudere werknemers

In tegenstelling tot bij de 55-minners nam het aandeel werknemers onder de 55-plussers toe. Dit komt doordat werknemers langer zijn blijven werken. Lag de gemiddelde pensioenleeftijd van werknemers in 2006 nog op 61 jaar, in 2013 was dat opgelopen tot bijna 64 jaar. In 2006 is een start gemaakt met de versobering van pensioenregelingen.

Het zijn vooral werknemers met een vaste arbeidsrelatie die langer doorwerken. In 2013 was 72 procent van de werkende 60-plussers een werknemer met een vaste arbeidsrelatie, in 2001 was dat nog 53 procent. Het aantal zelfstandigen onder 60-plussers groeide ook, maar veel minder sterk. Zelfstandigen werkten altijd al langer door.

Werkzame beroepsbevolking naar arbeidspositie, 60 tot 65 jaar

Werkzame beroepsbevolking naar arbeidspositie, 60 tot 65 jaar

Toename flexwerk vooral bij jongeren

Werknemers hebben steeds vaker een flexibele arbeidsrelatie. Tussen 2001 en 2013 is het aantal werknemers met een vaste arbeidsrelatie met ruim 300 duizend afgenomen, terwijl het aantal met een flexibele arbeidsrelatie met bijna 400 duizend is toegenomen.

Onder jongeren is de toename van flexwerk het sterkst. Bij de 15- tot 25-jarigen liep het aandeel flexwerkers op van 34 procent in 2001 naar 55 procent in 2013. Sinds 2010 zijn er meer jongeren met een flexibele dan een vaste arbeidsrelatie. Het grootste deel van de jonge flexwerkers is oproep- of invalkracht. Het aandeel jongeren dat werkzaam is als uitzendkracht is sterk gedaald.

Werkzame beroepsbevolking naar arbeidspositie, 15 tot 25 jaar

Werkzame beroepsbevolking naar arbeidspositie, 15 tot 25 jaar

Hendrika Lautenbach en Marian Driessen

Bronnen:

Bron : http://www.cbs.nl/nl-NL/menu/themas/arbeid-sociale-zekerheid/publicaties/artikelen/archief/2014/2014-4078-wm.htm